Nisa: ‘Ik woonde in een dorpje in Pakistan, in het grensgebied met Afghanistan en Iran, en groeide op in een nominaal christelijk* gezin. Mijn ouders geloofden dat alle religies naar de hemel leiden en vonden het prima dat ik onderwijs kreeg op de madrassa, de islamitische dorpsschool. Toen ik elf jaar oud was, kwam de islamleraar naar me toe met de woorden: ‘Ik vind jou mooi. Je bent nu bijna op de huwbare leeftijd, dus ik wil graag met jou trouwen.’
Ik schrok enorm. De zoon van de islamleraar zat bij mij in de klas en was even oud als ik. Mijn leraar zei: ‘Ik heb een goede baan en heb geld, dus ik ga naar je ouders toe. Zij zijn blij, want je bent dan onder de pannen. Jij bent blij, want je hebt een goede toekomst. En ik ben blij met zo’n mooie vrouw erbij.’
Bidden en vasten
‘Ik kon geen hap meer door mijn keel krijgen en was er doodziek van. Ik wist niet wat ik moest doen en had alleen geleerd om te bidden op de moslimmanier. Dus ik bad: ‘God, als U echt bestaat, wilt U er dan voor zorgen dat mijn ouders voor mij opkomen? Ik wil dit niet en ga nog liever dood.’
Drie dagen heb ik gevast. Toen stond hij op de stoep. Het wonderlijke was dat mijn moeder zijn verhaal aanhoorde en zei: ‘Ben je helemaal gek geworden? Het is een kind.’ Mijn vader wees hem de deur. Kort daarna zijn we voor onze veiligheid verhuisd naar een stadje tientallen kilometers verderop. Daar ging ik naar een christelijke school en leerde ik meer over de Bijbel. Ik was alleen nog niet diepgeworteld in het geloof.
Jij bent Mijn dochter
Toen ik zestien was, werd ik met dezelfde man geconfronteerd. Hij stond ineens weer op de stoep en zei: ‘Ik zag je op straat en herkende je meteen. Je bent nog net zo mooi, of zelfs mooier dan toen je bij mij op school zat. Ik zal je niet meer laten gaan.’
De paniek sloeg toe. In mijn wanhoop vroeg ik een christelijke vriendin: ‘Help mij alsjeblieft om echt te bidden.’ Ze lachte een beetje en vond het vreemd dat ik dat als zestienjarige christen niet kon. Ze vertelde me toen het verhaal van Esther uit de Bijbel, die drie dagen bad en vastte en dat God haar antwoord gaf. Ik ben toen gaan vasten en zei tegen God: ‘Ik heb van andere gelovigen gehoord dat U tot ons spreekt en daarom vraag ik U om ook tot mij te spreken.’
Dit gebed ben ik constant blijven bidden en op de derde dag sprak God heel duidelijk tot mij. Ik hoorde de woorden in mijn hart: ‘Jij bent mijn dochter. Wees niet bang. Ik zal je redden uit deze situatie. Ik ben dezelfde God Die je heeft geholpen toen je elf jaar oud was.’ Het maakte me heel erg blij en ik kreeg een diepe kalmte en een onbeschrijfelijke vrede in mijn hart.
Stop waar je mee bezig bent
Later die dag, toen ik weer thuiskwam, kreeg ik een telefoontje. Diezelfde man belde weer. Hij klonk in paniek en vroeg me: ‘Wat ben je aan het doen?’ Ik antwoordde: ‘Wat zou ik kunnen doen? Ik zit in een hopeloze situatie.’ Hij antwoordde: ‘Stop, want je bent met bovennatuurlijke krachten bezig: dat voel ik en ik smeek je om daar direct mee te stoppen. Ik was met een waarzegger in gesprek en telkens als we jouw naam noemden bij het uitspreken van een vloek, werden we aangevallen. Het voelde alsof de ruimte waarin we waren begon te trillen en te beven.’
Hij bood zijn excuses aan en beloofde: ‘Ik zal je naam nooit meer bij de waarzegger noemen, maar stop alsjeblieft met datgene waar je mee bezig bent. Ik zal je echt nooit meer lastigvallen.’ En dat heeft hij ook nooit meer gedaan. Aan het einde van het telefoongesprek zei ik nog tegen hem: ‘Ik heb dit niet gedaan, het is de God tot wie ik bid. Hij heeft voor mij deze strijd gestreden.’
Kort daarna ben ik gedoopt en ik heb besloten om zendeling te worden. Daarom zit ik nu op een Bijbelschool. Als ik over twee jaar klaar ben, ga ik het liefst terug naar mijn geboortedorp om te vertellen over Gods liefde.’
Deel God redt Nisa van haar veel oudere islamleraar
of kopieer link